-->
![]() |
|
![]() |
Het gebied van het Vaticaan in de Oudheid |
| Bezienswaardigheden: |
| De moderne situatie: |
Basilica Constantina S. Pietro |
|
In 312 had keizer Constantijn de Grote zijn rivaal Maxentius verslagen bij de Pons Milvius. In de nacht voor de slag had Constantijn een droom gehad, waarin hem een engel met een kruis in de handen verscheen met de woorden erop "in hoc signo vinces" (in dit teken zult u overwinnen). Op de vroege ochtend van de slag liet hij zijn soldaten een kruis op hun uitrusting naaien. En inderdaad won Constantijn de slag bij de pons Milvius. Daarom, tot het Christendom bekeerd, liet Constantijn verschillende grote basilieken bouwen. Eén daarvan was de Oude St. Pietersbasiliek, met het altaar recht boven het graf van Petrus. Dit graf bevond zich op een begraafplaats vlakbij het Circus van Caligula , de plaats waar Petrus de marteldood - omgekeerd gekruisigd - onderging in 68 nC. Als spoedig na zijn dood verrees er een klein grafmonument boven zijn graf, zodat de pelgims zijn graf konden herkennen. De kerk behield haar oorspronkelijke architectonische vorm van een basiica met vijf schepen tot de 16e eeuw, toen begonnen werd met de bouw van de huidige St Pieters Basiliek.. (lees verder onder de afbeeldingen) |
|
![]() Gravure van de oude St. Pietersbasiliek rond 1450 |
|
![]() Dwarsdoorsnede van de oude St. Pieter vlak voor de afbraak (Jacopo Grimaldi 1590) |
|
| De priester Tiberio Alfarano, provenier van de Sint-Pieter, beschreef de kerk in De Basilicae Vaticanae antiquissima et nova structura tot in de kleinste details en tekende ook een grondplan. Nieuwere onderzoekingen en navorsingen hebben aangetoond dat dit werk een van de beste informatiebronnen over de oude Sint-Pieter is. De klokkentoren met de gouden aardbol en een bronzen weerhaan op de spits ontstonden pas in de 8ste eeuw (de tekening van Jacopo Grimaldi toont hem met de in de gotiek aangebrachte veranderingen); deze toren werd een voorbeeld voor vele andere klokkentorens. |
|
![]() Plattegrond van de oude St. Pietersbasiliek |
Voor de basiliek lag een atrium (in het beroemde, aan Giotto toegeschreven mozaïek der Navicella) met een zuilenhal, met in het midden daarvan een bad waarin de gelovigen hun voeten konden wassen. Aan het eind van de 4de eeuw legde paus Damasus I een fontein aan waarin alle bronnen van de Vaticaanse heuvels samenstroomden, die door hun ongecontroleerde loop in de zuilenhal aan vele graven van pausen en beroemde personen ernstige schade hadden toegebracht. Het werk van deze paus werd in een door hemzelf ontworpen en in de grot aangebrachte inscriptie bewaard. De Damasusbronnen, waarboven een bronzen koepel op porfierzuilen rustte, werd aan het eind van de 5de en het begin van de 6de eeuw door paus Symmachus verfraaid. Hij liet de bronzen pijnappel (pigna) opstellen die zich thans in de Belvederehof bevindt, en versierde hem met dolfijnen en pauwen. Met het water uit de bronnen vulde paus Damasus ook het doopbekken van het Vaticaanse baptisterium, dat zich toen in het midden van het dwarsschip bevond en waar ook de stoel van Petrus moest staan. De façade van de basiliek was met mozaïek ingelegd; een tweede, op last van Leo de Grote vervaardigd mozaïek werd onder Gregorius IX (1227-1241) gerestaureerd. Het stuk bestond uit twee delen met bovenaan de Verlosser met naast zich zijn apostelen, en beneden aan zijn voeten ter linkerzijde geknield Gregorius IX. In het gedeelte van de façade dat aan het atrium grensde, bevonden zich vijf portalen, waarvan het middelste het zilveren portaal werd genoemd, omdat het met bladzilver was versierd. |
|
|